Leerjaar 1 en 2 noemen we de onderbouw. Er zijn verschillende soorten klassen in de onderbouw. In welke klas een leerling geplaatst wordt, hangt af van de capaciteiten en de interesse van de leerling en het advies van de basisschool. Leerlingen die ‘leerwegondersteuning’ nodig hebben, kunnen in verschillende klassen worden geplaatst.
- Niveauklas basisberoepsgerichte leerweg
- Niveauklas kaderberoepsgerichte leerweg
- Niveauklas gemengde leerweg
- Interesseklas Sportklas (= niveau basis/kader)
- Interesseklas Kunstklas (= niveau basis/kader)
De leerlingen krijgen theoretisch onderwijs (2/3 van de lestijd) en praktisch onderwijs (1/3 van de lestijd). Zie ook hoofstuk 2.3 van de schoolgids. In het bijzonder subparagraaf ‘Vakken’ (hoofdstuk 2.3.3).
Bij het vak Praktische Keuzewerktijd mag de leerling een keuze maken uit een aanbod van ongeveer twintig verschillende workshops en praktijklessen. Per schooljaar maakt de leerling vier keuzes en elke keuze geldt voor één rapportperiode (ongeveer tien weken).
Bij het vak Praktische Sectororiëntatie maakt de leerling kennis met de verschillende opleidingsmogelijkheden in de bovenbouw van het VMBO en ontdekt de leerling zijn of haar kwaliteiten en interesses.
Na het eerste leerjaar maakt de leerling een voorlopige sectorkeuze (Techniek, Zorg en Welzijn, Economie of Sport Dienstverlening en Veiligheid).
In leerjaar 2 worden leerlingen gegroepeerd op de voorlopige sectorkeuze. Voor leerlingen in de Kunstklas en in de Gemengde Leerweg geldt dit nog niet, zij maken pas een sectorkeuze aan het einde van leerjaar 2.